Overig nieuws:

Onderzoek bij proefdieren voorspelt effecten bij mensen in minder dan 50% van de gevallen.


Donderdag, 6 december 2012. | Lees verder...

Een gangbare gedachte is dat veel belangrijke medische ontdekkingen uit de afgelopen eeuw gebaseerd zijn op onderzoek bij proefdieren. En dat effecten bij proefdieren geëxtrapoleerd kunnen worden naar effecten bij mensen.
Dit lijkt echter niet helemaal waar te zijn. Resultaten bij proefdieren zijn vaak tegenstrijdig en afhankelijk van het type dier dat is gebruikt. Het lijkt erop dat effecten bij proefdieren in minder dan 50% van de gevallen een betrouwbaar beeld vormen voor effecten bij mensen. Na succesvol onderzoek bij proefdieren en in cellijnen, komt slechts 8% van de medicijnen op de markt.


Opzet onderzoek: informatieve review.

|Bron: 13 verschillende artikelen. Zie het complete stuk voor referenties.|


Genetisch gemanipuleerde maïs en soja verhogen misschien het risico op lever- en nierziekten bij proefdieren. Effecten bij mensen zijn totaal niet onderzocht.


Maandag, 2 april 2012. | Lees verder...

De veiligheid van nieuwe voedingsmiddelen wordt vaak onderzocht door te kijken naar mogelijke negatieve effecten op bloedwaarden van proefdieren, na langdurige consumptie van het voedingsmiddel. Er is totaal geen onderzoek gedaan naar de veiligheid van genetisch gemanipuleerde gewassen bij mensen, dus effecten bij proefdieren zijn de enige aanwijzing voor eventuele bijwerkingen.
Na zoeken in de literatuur vonden onderzoekers 12 wetenschappelijke studies naar het effect van genetisch gemanipuleerde maïs en soja op bloedwaarden van proefdieren. Consumptie van dit soort soja en maïs werd in verband gebracht met verstoorde leverwaarden van vrouwelijke proefdieren en verstoorde nierwaarden van mannelijke proefdieren. Het is nu de vraag welk effect genetisch gemanipuleerde gewassen zullen hebben op het menselijk lichaam. Maar zonder onderzoek bij mensen kun je in ieder geval niet concluderen dat het veilig is voor mensen.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van experimenteel onderzoek bij proefdieren.

|Bron: Séralini GE. Genetically modified crops safety assessments: present limits and possible improvements. Environmental Sciences Europe 2011, 23:10. doi:10.1186/2190-4715-23-10. Link.|


Verhoogt consumptie van melk het risico op problemen met de slijmvorming?


Zondag, 11 maart 2012. | Lees verder...

Personen met astma wordt soms afgeraden om melk de drinken. Dit zou de symptomen van astma verhogen door een verhoogde slijmvorming. Ik heb in de wetenschappelijke literatuur gezocht naar onderzoek over het effect van melk op problemen met de slijmvorming.
Er lijkt geen bewijs te zijn dat melk problemen met de slijmvorming verhoogt. Personen die "geloven" dat melk de slijmvorming verhoogt, rapporteren vaker dat ze last hebben van slijm na het drinken van melk dan personen die hier niet in geloven. Wat verder opvalt is dat tot nu toe zeer weinig onderzoek is gedaan naar dit onderwerp. In het bijzonder bij mensen met bestaande aandoeningen van de ademhalingswegen, zoals astma, COPD en longkanker. Verregaande conclusies over dit onderwerp kunnen dan ook niet worden getrokken.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van beschikbaar onderzoek.

|Bron: 6 verschillende artikelen. Zie het complete stuk voor referenties.|


Omega-3 vetzuren verbeteren het korte termijngeheugen alleen bij personen met een milde achteruitgang van de cognitieve functies.


Vrijdag, 10 februari 2012.

Hogere innames van omega-3 vetzuren zijn gelinkt aan een verlaagd risico op afname van het cognitieve functioneren, maar resultaten uit gerandomiseerde interventie studies zijn niet consistent. Wetenschappers gooiden daarom de resultaten van alle studies op een hoop. Ze vonden 10 gerandomiseerde onderzoeken.
De inname van omega-3 vetzuren was niet in zijn algemeenheid gelinkt aan de cognitieve functies, of aan het korte termijn geheugen. Gezonde personen en personen met Alzheimer ondervonden geen positieve effecten. Maar er was ook een groep personen die leden aan een milde vorm van cognitieve achteruitgang (geen dementie!). Binnen deze groep zorgde inname van omega-3 vetzuren voor een verbetering van het korte termijngeheugen. Ook de aandachtsspanne en de verwerkingssnelheid van informatie verbeterden.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van gerandomiseerd onderzoek. | Onderzochte groep: 1.746 personen.

|Bron: Mazereeuw G. Effects of omega-3 fatty acids on cognitive performance: a meta-analysis. Neurobiol Aging. 2012 Feb 3. [Epub ahead of print] Link.|


Orale inname van vitamine B12 (cobalamine) lijkt een goede manier om een tekort hieraan op te heffen.


Donderdag, 17 november 2011.

Een vitamine B12 deficiëntie komt geregeld voor bij ouderen (> 15%). Vaak worden injecties met vitamine B12 gebruikt om het tekort op te heffen, maar er wordt nu ook gekeken naar alternatieve manieren om deze vitamine toe te dienen. Wetenschappers zochten in de wetenschappelijke literatuur naar studies over het effect van orale inname van cobalamine bij ouderen.
Ze vonden 3 gerandomiseerde en 5 prospectieve studies. De resultaten hiervan laten zien dat behandeling met orale vitamine B12 een adequate manier is om tekorten op te heffen. Dit effect was vooral duidelijk toen werd gekeken naar verbeteringen van serum vitamine B12 waarden , hemoglobine, en de hoeveelheid rode bloedcellen + onrijpe rode bloedcelen.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van gerandomiseerd + prospectief onderzoek.

|Bron: Andrès E. Efficacy of oral cobalamin (vitamin B12) therapy. Expert Opin Pharmacother. 2010 Feb;11(2):249-56. Link.|


Nieuws: Vitamine D verlaagt het risico op influenza niet en verlengt de duur van de ziekte misschien zelfs.


Woensdag, 16 november 2011.

Een tekort aan vitamine D is in verband gebracht met verschillende ziekten, waaronder influenza. Wetenschappers wilden weten of supplementatie met vitamine D van invloed is op het risico op- en de ernst van influenza-achtige ziekten. Daarom stuurden ze een vragenlijst aan deelnemers van lopende klinische onderzoeken naar het gebruik van vitamine D supplementen. In deze studies kregen 289 personen vitamine D (1.111-6.800 IE/dag) en 280 personen een placebo.
Influenza-achtige symptomen werden beschreven door 38 personen in de vitamine D groep en door 42 personen in de placebo groep. Dit verschil was niet significant.
Van deze personen voldeden 25 personen in de vitamine D groep en 26 personen in de placebo groep aan de klinische criteria voor influenza. En in deze subgroep duurde de ziekte significant langer bij gebruikers van vitamine D (7 dagen) dan bij gebruikers van het placebo (4 dagen).

Opzet onderzoek: Gerandomiseerd onderzoek. | Onderzochte groep: 569 personen.

|Bron: Jorde H. Vitamin D supplementation did not prevent influenza-like illness as diagnosed retrospectively by questionnaires in subjects participating in randomized clinical trials. Scand J Infect Dis. 2011 Oct 25. [Epub ahead of print] Link.|


Consumptie van melk zorgt mogelijk voor langere mensen.


Dinsdag 15 november 2011.

In het verleden zijn correlaties gevonden tussen de landelijke zuivel consumptie en de lichaamslengte. Maar resultaten uit dit soort studies wijzen niet noodzakelijk op een causaal verband. Een Nederlandse onderzoeker gebruikte daarom de resultaten van gecontroleerd onderzoek en keek naar het effect van zuivel op de lichaamsgroei. Twaalf studies konden worden gebruikt.
Een meta analyse van de resultaten uit deze studies laat zien dat het grootste effect werd bereikt door de consumptie van melk. Iedere 245 ml melk per dag zorgde voor een jaarlijkse groei van 0,4 cm.
De auteur wijst er op dat veel van de geïncludeerde studies beperkingen hadden in de opzet van het onderzoek en dat dit van invloed is op de kwaliteit van het bewijs.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van gecontrolleerd onderzoek.

|Bron: de Beer H. Dairy products and physical stature: A systematic review and meta-analysis of controlled trials. Econ Hum Biol. 2011 Aug 17. [Epub ahead of print] Link.|


Nieuws: Na een operatie verlaagt het gebruik van een supplement met kurkuma/geelwortel mogelijk de pijn en vermindert het de vermoeidheid.


Maandag, 20 juni 2011.

Wetenschappers onderzochten de effectiviteit van geelwortel (ook wel kurkuma of koenjit genoemd) als pijnstiller. Bij 50 patiënten moest de galblaas worden verwijderd via een kijkoperatie. Ze deden mee aan een dubbelblind gerandomiseerd onderzoek waarbij ze kurkuma kregen voorgeschreven of een placebo. De patiënten werd gevraagd om tot 3 weken na de operatie een dagboek bij te houden. Hierin moesten ze opschrijven of er bijwerkingen optraden en hoe ze pijn en vermoeidheid ervaarden.
Er waren geen patiënten die zich terugtrokken uit de studie en er traden geen bijwerkingen op. Patiënten die geelwortel gebruikten ervaarden in veel mindere mate pijn en ze gebruikten veel minder pijnstillers. Tevens voelden de gebruikers van geelwortel zich minder vermoeid. Alle effecten waren extreem significant (P = 0.000).


Opzet onderzoek: Gerandomiseerd onderzoek. | Onderzochte groep: 50 personen.

|Bron: Agarwal KA. Efficacy of turmeric (curcumin) in pain and postoperative fatigue after laparoscopic cholecystectomy: a double-blind, randomized placebo-controlled study. Surg Endosc. 2011 Jun 14. [Epub ahead of print] Link.|


Nieuws: Verlaagt matige consumptie van alcohol het risico op een longontsteking?


Zondag, 12 juni 2011.

Bij een groep gezonde Deense mannen en vrouwen werd gekeken naar effecten uit consumptie van alcohol op het risico op een longontsteking. Van 47.167 personen kregen 1.091 mannen en 944 vrouwen een longontsteking in de periode dat de groep werd gevolgd.
Mannen die geen alcohol dronken hadden een 49% verhoogd risico op een longontsteking, vergeleken met mannen die 1-6 drankjes per week namen. Mannen met zeer hoge consumptie (≥ 50 consumpties/week) hadden een verhoogd risico. Vrouwen die geen alcohol dronken hadden een niet-significant 26% verhoogd risico op een longontsteking, vergeleken met vrouwen die 1-6 drankjes per week namen. En het risico op een longontsteking steeg niet, ongeacht de geconsumeerde hoeveelheid alcohol.


Opzet onderzoek: Prospectief onderzoek. | Onderzochte groep: 47.167 personen.

|Bron: Kornum JB. Alcohol drinking and risk of subsequent hospitalisation with pneumonia. Eur Respir J. 2011 Jun 9. [Epub ahead of print] Link.|


Nieuws: Consumptie van wijn verhoogt mogelijk de cognitieve functies van bejaarden.


Woensdag, 16 maart 2011.

Matige consumptie van alcohol wordt in verband gebracht met betere cognitieve functies. Maar slechts weinig studies hebben hierbij rekening gehouden met cognitieve functies in het verleden. In 1936 werd gekeken naar het IQ van een groep kinderen van 11 jaar oud.
Matig-hoge consumptie van alcohol (> 2 drankjes/dag) werd in verband gebracht met betere prestaties en cognitieve testen bij zowel mannen als vrouwen, vergeleken met lagere- of geen consumptie van alcohol. Nadat rekening werd gehouden met het IQ in de kindertijd, werden veel van deze verbanden zwakker. Maar consumptie van alcohol bleek het geheugen, en de verbale capaciteiten van vrouwen te verbeteren. Deze vrouwen bleken vooral wijn te drinken. Bij mannen hadden niet alle alcoholische dranken hetzelfde effect. Wijn en sherry-port werden in verband gebracht met betere verbale functies, maar bier werd in verband gebracht met slechtere verbale functies. Gedistilleerde dranken werden in verband gebracht met een beter geheugen. Alle effecten waren klein, en het is niet duidelijk in hoeverre deze klinisch relevant zijn.


Onderzochte groep: 922 personen.

|Bron: Corley J. Alcohol intake and cognitive abilities in old age: The Lothian Birth Cohort 1936 study. Neuropsychology. 2011 Mar;25(2):166-75. Link.|


Zuivel consumptie en cognitieve functies.


Zondag, 28 november 2010.

Wetenschappers zochten in de literatuur naar studies over de relatie tussen zuivel consumptie en het cognitieve functioneren. Ze vonden 5 prospectieve-, en 3 dwarsdoorsnede onderzoeken.
Slechter cognitief functioneren, en een verhoogd risico op vasculaire dementie werden in verband gebracht met een lage consumptie van melk en zuivel. Maar de consumptie van volvette zuivelproducten werd in verband gebracht met een afname van de cognitieve functies bij ouderen. De wetenschappers waarschuwen voor conclusies op basis van deze informatie door beperkingen in de opzet van de studies.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van prospectief + dwarsdoorsnede onderzoek.

|Bron: Crichton GE. Review of dairy consumption and cognitive performance in adults: findings and methodological issues. Dement Geriatr Cogn Disord. 2010;30(4):352-61. Link.|


Nieuws: Multivitamine/mineralen supplement en multi-tasken.


Maandag, 15 november 2010.

Veel mensen consumeren multivitamine/mineralen supplementen voor mogelijke effecten op de gezondheid. 216 vrouwen van 25-50 jaar werden gerandomiseerd naar een multivitamine/mineralen supplement of een placebo gedurende 9 weken.
Vrouwen die het supplement gebruikten, presteerden beter bij multi-tasken. Ze reageerden sneller en acurater. Tevens ervaarden zij minder van de negatieve effecten van multi-tasken op de vermoeidheid en het humeur.
Noot van de auteur: Normaal worden details over het gebruikte supplement alleen in het complete onderzoek gegeven. Dit keer werd in de samenvatting al het merk van het gebruikte supplement genoemd. Bij mij gaat dan altijd de alarmbel rinkelen.


Opzet onderzoek: Gerandomiseerd onderzoek. | Onderzochte groep: 216 vrouwen.

|Bron: Haskell CF. Effects of a multi-vitamin/mineral supplement on cognitive function and fatigue during extended multi-tasking. Hum Psychopharmacol. 2010 Aug;25(6):448-61. Link.|


Nieuws: Multivitamine/mineralen supplement en prestaties op school.


Maandag, 15 november 2010.

Een beperkte hoeveelheid onderzoek suggereert dat supplementatie met micronutriënten een positief effect zou kunnen hebben op de schoolprestaties van kinderen. In 37 scholen werden kinderen van 8-12 jaar gerecruteerd om mee te doen aan een onderzoek. Deelnemers werden gedurende een schooljaar gerandomiseerd naar een standaard multivitamine/mineralen supplement voor kinderen of een placebo.
Kinderen die het supplement gebruikten, kregen geen betere punten. Ook waren ze niet minder vaak afwezig.


Opzet onderzoek: Gerandomiseerd onderzoek.

|Bron: Perlman AI. Multivitamin/Mineral supplementation does not affect standardized assessment of academic performance in elementary school children. J Am Diet Assoc. 2010 Jul;110(7):1089-93. Link.|


Nieuws: Koffie en het risico op jicht.


Maandag, 15 november 2010.

Over een periode van 26 jaar werd gekeken naar het effect van koffie consumptie op het risico op jicht bij 89.433 vrouwen. In deze periode kregen 896 vrouwen jicht.
2-4 kopjes koffie per dag verlaagden het risico op jicht met 22%, en hogere consumptie zelfs met 57%. Ook cafeïne vrije koffie verlaagde dit risico, en wel met 23% bij consumptie van 2 of meer kopjes per dag.


Opzet onderzoek: Prospectief onderzoek. | Onderzochte groep: 89.433 vrouwen.

|Bron: Choi HK. Coffee consumption and risk of incident gout in women: the Nurses' Health Study. Am J Clin Nutr. 2010 Oct;92(4):922-7. Link.|


Nieuws: Mogelijk effect van bier op psoriasis.


13 september 2010.

Bij 82.869 Amerikaanse vrouwen werd gekeken wat het effect was van alcohol consumptie op de kans op psoriasis. Gedurende 14 jaar kregen 1.069 vrouwen psoriasis. Consumptie van meer dan 2.3 alcoholische dranken per week verhoogde de kans op psoriasis met 72%. Van de verschillende alcoholische dranken zorgde alleen niet-light bier voor een verhoogd risico (76% bij ≥ 5 drankjes/week). Witte- of rode wijn, sterke dranken, en light bier hadden geen significant effect.


Opzet onderzoek: prospectief onderzoek. | Onderzochte groep: 82.869 vrouwen.

|Bron: Qureshi AA. Alcohol Intake and Risk of Incident Psoriasis in US Women: A Prospective Study. Arch Dermatol. 2010 Aug 16. [Epub ahead of print] Link.|


De China Study: Veel onbetrouwbare gegevens over een klein groepje mensen.


Woensdag, 14 juli 2010. | Lees verder...

De "China Study" is een onderzoek waarbij de relatie tussen voeding en overlijden aan verschillende aandoeningen werd onderzocht. Het onderzoek is ook gepubliceerd in boekvorm, en werd gelanceerd als "de uitvoerigste studie over voeding ooit!". Gegevens uit dit onderzoek worden vaak gebruikt om te "bewijzen" dat eiwitten de kans op kanker zouden verhogen, en dat personen met de hoogste consumptie van dierlijke producten de grootste kans zouden hebben op chronische ziekten.
Maar de China Study is helemaal niet zo groots opgezet als Dr. Campbell (de man achter de studie) doet voorkomen: 6.500 personen deden mee aan het onderzoek. Aan een gemiddeld prospectief onderzoek doen 20.000-80.000 personen mee. De gegevens over voeding zijn niet gekoppeld aan ziekten die de personen in de toekomst ontwikkelden. Ze werden gekoppeld aan gegevens over verschillende doodsoorzaken van andere personen 8-10 jaar voordat de voeding werd geconsumeerd.


Opzet onderzoek: Ecologisch onderzoek. | Onderzochte groep: 6.500 personen.


Nieuws: Licht-Matige consumptie van alcohol tijdens de eerste 3 maanden van de zwangerschap heeft misschien een positieve invloed op het gedrag zodra het kind de pubertijd bereikt heeft.


Donderdag, 17 juni 2010.

Onderzoekers wilden weten wat de invloed is van alcohol consumptie tijdens de zwangerschap op de ontwikkeling van het gedrag van het prenatale stadium tot puber. In Australië werd bij 2.900 zwangere vrouwen gekeken hoeveel alcohol ze consumeerden tijdens de zwangerschap. Daarna werd gekeken hoe het met de ontwikkeling van de kinderen was gegaan toen zij de leeftijd van 14 jaar bereikten.
Lichte (2-6 alcoholische dranken/week) tot matige (7-10 alcoholische dranken/week) consumptie van alcohol tijdens de eerste 3 maanden van de zwangerschap, werd in verband gebracht met positiever gedrag. Het ging hier om minder internaliserend (emotionele problemen)-, en externaliserend (gedragsproblemen) gedrag.


Opzet onderzoek: Prospectief onderzoek. | Onderzochte groep: 2.900 zwangere vrouwen.

|Bron: Robinson M. Low-moderate prenatal alcohol exposure and risk to child behavioural development: a prospective cohort study. BJOG. 2010 May 28. [Epub ahead of print] Link.|


Nieuws: Magere vis verlaagt misschien de kans op schizofrenie, terwijl hoge consumptie van vette vis de kans hierop mogelijk verhoogt.


Zaterdag, 5 juni 2010.

Er zijn aanwijzingen dat lage inname van vis, of meervouding onverzadigde vetzuren, en vitamine D deficiëntie van invloed zouden kunnen zijn op het ontwikkelen van schizofrenie. Een middelgrote groep Zweedse vrouwen vulde in 1991/92 een voedselfrequentievragenlijst in, en vervolgens werd in 2002/03 gekeken wat de invloed was op symptomen van schizofrenie.
14.395 vrouwen ontwikkelden in gemiddelde-, en 817 vrouwen ontwikkelden in hoge mate symptomen van schizofrenie. Er werd een verschil in effect gevonden tussen consumptie van verschillende soorten vis. Consumptie van magere vissorten (kabeljauw, snoek, en koolvis) verlaagde de kans op beide maten van symptomen van schizofrenie. Dit effect werd gevonden bij alle hoeveelheden van consumptie. Daartegen had matig consumptie (tot 1 x per week) van vette vis (zalm, haring, makreel), geen effect, en werd er zelfs een verhoogd risico op beide maten van symptomen van schizofrenie gevonden bij hoge consumptie (2 x per week of meer) van vette vis. Lage consumptie van weekdieren (1-3 x per maand), verlaagde de kans, maar hoge consumptie (2 x per week of meer) verhoogde de kans op beide maten van symptomen van schizofrenie. Ten slotte verlaagden zowel vitamine D consumptie via het dieet, als omega-6 vetzuren de kans op beide maten van symptomen van schizofrenie. Het beschermende effect van vitamine D werd sterker naarmate er meer van werd geconsumeerd.


Opzet onderzoek: Prospectief onderzoek. | Onderzochte groep: 33.623 vrouwen.

|Bron: Hedelin M. Dietary intake of fish, omega-3, omega-6 polyunsaturated fatty acids and vitamin D and the prevalence of psychotic-like symptoms in a cohort of 33 000 women from the general population. BMC Psychiatry. 2010 May 26;10(1):38. [Epub ahead of print] Link.|


Caffeine verlaagt mogelijk het risico om de ziekte van Parkinson te krijgen.


Zaterdag, 5 juni 2010.

Verschillende studies laten zien dat caffeine/koffie het risico verlaagt om de ziekte van Parkinson te krijgen. Maar verschillen in effecten zorgen ervoor dat de kracht van dit effect niet goed kan worden ingeschat. Wetenschappers zochten in de literatuur naar studies over het effect van caffeine op het risico om de ziekte van Parkinson te krijgen. Er werden 27 onderzoeken gevonden. Hiervan waren 9 onderzoeken prospectief (waarvan 7 cohort), 16 patiënt-controle, en 1 cross-sectioneel.
Het gemiddelde van deze studies laat zien dat caffeine een beschermend effect geeft tegen het ontwikkelen van de ziekte (-25%). Indien alleen wordt gekeken naar het cohort onderzoek, wordt het effect iets zwakker, maar het blijft significant (-20%). Het beschermende effect was zwakker onder vrouwen (-14%).


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van verschillende soorten onderzoek.

|Bron: Costa J. Caffeine exposure and the risk of Parkinson's disease: a systematic review and meta-analysis of observational studies. J Alzheimer Dis. 2010;20 Suppl 1:S221-38. Link.|


Een effect van caffeine op de afname van cognitieve functies is nog onzeker.


Zaterdag, 5 juni 2010.

Wetenschappers wilden weten in welke mate de inname van caffeine van invloed is op de afname van cognitieve functies of dementie. In de literatuur vonden ze 9 prospectieve, en 2 patiënt-controle onderzoeken.
Het gemiddelde effect van de studies laat zien dat caffeine een beschermend effect heeft tegen afname van cognitieve functies (-16%), maar indien alleen wordt gekeken naar de betrouwbaardere studies (prospectief onderzoek), blijft er geen significant effect meer over. De wetenschappers stellen dat de grote verschillende in de methodiek tussen de studies + het aantal studies - wat beperkt is - ervoor zorgt dat er nog geen duidelijke uitspraken gedaan kunnen worden over dit onderwerp.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van prospectief + patiënt-controle onderzoek.

|Bron: Santos C. Caffeine intake and dementia: systematic review and meta-analysis. J Alzheimer Dis. 2010;20 Suppl 1:S187-204. Link.|


Verlaagt lichamelijke activiteit het risico op vasculaire dementie?


Maandag, 31 mei 2010.

Lichamelijke activiteit heeft verschillende positieve effecten op de gezondheid waaronder een verlaagd risico op de ziekte van Alzheimer. Er zijn verschillende studies gedaan naar het effect van lichamelijke activiteit op het risico op vasculaire dementie, maar dit waren gewoonlijk studies met weinig deelnemers, en er zijn tot nu toe geen meta-analyses (gemiddelde effect van de individuele studies bij elkaar) naar gedaan. Wetenschappers zochten in de literatuur naar studies die het voorgenoemde effect onderzochten en vonden 24 studies waarin 1.378 personen vasculaire dementie kregen.
De meerderheid van de individuele studies vond geen significant effect. Hiervan konden 5 studies gebruikt worden voor de meta-analyse gebruikt worden. De meta-analyse liet een significant beschermend effect zien van lichamelijke activiteit tegen het risico op vasculaire dementie (-38%).


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van prospectief onderzoek. | Onderzochte groep: 10,482 personen.

|Bron: Link.|


Er is nog maar weinig bewijs dat voedingsmiddelen uit de organische landbouw gezonder zijn dan conventionele voeding.


Woensdag, 26 mei 2010.

Er is onzekerheid over de voordelen van nutriënten uit organisch voedsel op de gezondheid. Daarom zochten wetenschappers in de literatuur naar bewijs dat voordelen van organisch voedsel op de gezondheid die zijn gerelateerd aan de nutriënten, veroorzaakt worden door organische landbouw. Er werden 8 humane studies gevonden.
De grootste studie liet zien dat kleuters een verminderd risico op eczeem hadden bij gebruik van organische zuivelproducten. Maar de meerderheid van de studies liet geen bewijs zien voor een verschil tussen effecten op de gezondheid door nutriënten die resulteerden uit organische, in tegenstelling tot conventioneel geproduceerde voedingsmiddelen.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van verschillende soorten onderzoek.

|Bron: Dangour AD. Nutrition-related health effects of organic foods: a systematic review. Am J Clin Nutr. 2010 May 12. [Epub ahead of print] Link.|


Nieuws: Een groter aandeel van eiwitten in de voeding verlaagt mogelijk het risico op lichamelijke zwakte bij bejaarde vrouwen.


Woensdag, 26 mei 2010.

Een behoorlijke groep vrouwen van 65-79 jaar werd gevraagd naar de frequentie waarin ze aangegeven porties van bepaalde voedingsmiddelen consumeerden. Vervolgens werd na 3 jaar gekeken of dit van invloed was op lichamelijke zwakte, waarvoor moest worden voldaan aan minstens 3 van de volgende criteria: afname van lichamelijke functies, vermoeidheid, weinig lichamelijke activiteit, en ongewenst gewichtsverlies.
3.298 vrouwen ontwikkelden lichamelijke zwakte in deze 3 jaar tijd. Hogere consumptie van eiwitten zorgde voor een verlaagd risico op zwakte. Een toename van 20 energie% eiwitten, zorgde voor een 32% lager risico op lichamelijke zwakte.


Opzet onderzoek: Prospectief onderzoek. | Onderzochte groep: 24.417 bejaarde vrouwen.

|Bron: Beasley JM. Protein Intake and Incident Frailty in the Women's Health Initiative Observational Study. J Am Geriatr Soc. 2010 May 7. [Epub ahead of print] Link.|


Omega 3 vetzuren: EPA verlaagt mogelijk de kans op symptomen van depressie, maar DHA niet.


Vrijdag, 7 mei 2010.

Epidemiologisch onderzoek laat zien dat Omega 3 vetzuren een positieve invloed kunnen hebben bij depressie, maar de resultaten van gerandomiseerd onderzoek zijn gemengd. Een wetenschapper zocht in de literatuur naar dubbel-blinde, placebo-gecontroleerde, gerandomiseerde, gecontroleerde studies over de effecten van Omega 3 vetzuren op symptomen van depressie. 28 studies voldeden aan deze criteria.
Er werd een algemeen beschermend effect gevonden door het gemiddelde/gecombineerde effect van deze studies. Hierbij werd een beschermend effect gevonden tegen bipolaire stoornissen en klinische depressie. Maar er werd geen effect gevonden bij matige depressie, chronische vermoeidheid, en niet-klinische onderzoeksgroepen.
Symptomen van depressie werden niet verbeterd door het gebruik van pure DHA, of door supplementen waarbij DHA meer dan 50% van de formule uitmaakte. Maar een significante verbetering werd gevonden bij studies waarbij EPA meer dan 50% van de formule uitmaakte, of door supplementen waarbij pure ethyl-EPA werd gebruikt.
De auteur waarschuwt voor verregaande conclusies gebaseerd op deze gegevens omdat de kwaliteit, grootte van de onderzoeksgroepen, en de duur van de onderzoeken nog wat te wensen over laten.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van gerandomiseerd onderzoek.

|Bron: Martins JG. EPA but not DHA appears to be responsible for the efficacy of omega-3 long chain polyunsaturated fatty acid supplementation in depression: evidence from a meta-analysis of randomized controlled trials. J Am Coll Nutr. 2009 Oct;28(5):525-42. Link.|


Is voeding van invloed op acne?


Woensdag, 28 april 2010.

Wetenschappers zochten in de literatuur naar onderzoek over voeding in relatie tot acne. Ze vonden 21 observationele en 6 klinische onderzoeken.
Observationele studies, waaronder 2 grote prospectieve onderzoeken, lieten zien dat koemelk de kans op acne verhoogde en de hevigheid versterkte. Verder lieten prospectief en gerandomiseerd onderzoek zien dat een dieet met een hoge glycemische lading het risico op acne verhoogde.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van verschillende soorten onderzoek.

|Bron: Ferdowsian HR. Does diet really affect acne? Skin Therapy Lett. 2010 Mar;15(3):1-2, 5. Link.|


Nieuws: Gelatine verhoogt groeihormoon response misschien meer dan andere eiwitten.


Woensdag, 14 april 2010.

Het is onbekend in welke mate verschillende proteïnen de secretie van groeihormonen stimuleren. 8 gezonde, jonge vrouwen deden mee aan een gerandomiseerd onderzoek. Ze kregen 0.6 g eiwit/kg lichaamsgewicht uit 4 verschillende bronnen: soja, gelatine, alfa-lactalbumine, en melk. Daarna werd het bloed gedurende 5 uur, iedere 20 minuten geanalyseerd op de concentraties van groeihormonen, aminozuren, insuline, en glucose.
Inname van gelatine zorgde voor een significant hogere groeihormoon respons (8.2 mug/l), vergeleken met inname van soja, alfa-lactalbumine, en melk (5.0; 4.5; en 6.4 mug/l, respectievelijk; P = < 0.05). Ook serum-waarden van arginine waren significant hoger na inname van gelatine (P = < 0.05). Maar er werden geen significante verschillen gevonden in concentraties van insuline en glucose.


Opzet onderzoek: Gerandomiseerd onderzoek. | Onderzochte groep: 8 vrouwen.

|Bron: van Vught AJ. he effects of dietary protein on the somatotropic axis: a comparison of soy, gelatin, alpha-lactalbumin and milk. Eur J Clin Nutr. 2010 Mar 10. [Epub ahead of print] Link.|


Melk verhoogt waarschijnlijk IGF-1 levels.


woensdag, 7 april 2010.

Wetenschappers zochten in de literatuur naar studies over de relatie tussen melk- of zuivelproducten en IGF-1 levels. Er werden 15 cross-sectionele en 8 gerandomiseerde onderzoeken gevonden.
10 v.d. 15 cross-sectionele onderzoeken lieten een positieve correlatie zien tussen melk en IGF-1 levels. En gecontroleerd, gerandomiseerd onderzoek liet zien dat IGF-1 levels significant hoger waren in melk drinkers. Het verschil in IGF-1 levels was 13.8 ng/ml vergeleken met de controle groep.
Dit is een mogelijk interessant gegeven voor bodybuilders, maar helaas laten deze studies niet zien wat de effecten zijn op andere hormonen, de netto eiwitbalans of op de spiermassa.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van cross-sectioneel en gerandomiseerd onderzoek.

|Bron: Qin LQ. Milk consumption and circulating insulin-like growth factor-I level: a systematic literature review. Int J Food Sci Nutr. 2009;60 Suppl 7:330-40. Link.|


Nieuws: Verlaagt een vitamine D supplement de kans op griep en astma bij kinderen?


Maandag, 15 maart 2010.

Afgelopen winter is in Japan een onderzoek gehouden naar het effect van een vitamine D supplement op het risico op influenza A. 334 schoolkinderen kregen gedurende 3 maanden dagelijks 1200 IE vitamine D3 of een placebo.
Kinderen in de vitamine D groep hadden een significant lager risico (- 42%) op influenza A dan kinderen in de placebo groep. Een positieve bijwerking was dat de kans op een astma-aanval daalde met 83% bij kinderen die astma hadden.


Opzet onderzoek: Gerandomiseerd onderzoek. | Onderzochte groep: 334 schoolkinderen.

|Bron: Urashima M. Randomized trial of vitamin D supplementation to prevent seasonal influenza A in schoolchildren. Am J Clin Nutr. 2010 Mar 10. [Epub ahead of print] Link.|


Vlees- en zuivelindustrie nemen het niet zo nauw met wetenschappelijk onderzoek.


Woensdag, 24 februari 2010.

Eind 2007 heeft het "Wereld Kanker Onderzoek Fonds" een literatuuroverzicht gepubliceerd betreffende de evaluatie van al het wetenschappelijke bewijs over de relatie tussen voeding en gezondheid tot op dat moment. Hierin werd geconcludeerd dat er overtuigend bewijs is dat rood vlees (varkens-, rund-, en lamsvlees) de kans op dikke darmkanker verhoogt (1).
De "International Meat Secretariat" waarschuwde al vóór de publicatie van dit rapport voor imagoschade van rood vlees en gaf de vleesbrancheverenigingen de volgende boodschap mee: 'Zorg dat je toonaangevende mensen om je heen verzamelt zoals wetenschappers, opinieleiders, deskundigen en journalisten die ook een andere boodschap de wereld kunnen insturen' (2).
Het "Global Dairy Platform" (een platform om de positie van zuivel wereldwijd te beschermen) heeft 3 doelen waarvan 1 als volgt wordt omschreven: 'Het standpunt van de zuivelindustrie dient erop gericht te zijn het negatieve imago van melkvet te neutraliseren'. Een ander doel is: 'Het ontwikkelen van een communicatie strategie die de vraag naar zuivel moet verhogen door het benadrukken van de rol van zuivel in het verlagen van het risico op ziekten, en het verbeteren van de gezondheid. (3).
Geen objectieve informatie over vlees en zuivel brengen, maar het negatieve imago dient te worden geneutraliseerd. Beter nog: vlees en zuivel zijn gezond en deze boodschap moet bij voorkeur worden verkondigd door invloedrijke mensen. Dat daarvoor selectief wordt omgegaan met wetenschappelijk bewijs is blijkbaar niet erg.


|Bronnen:
1) Wereld Kanker Onderzoek Fonds. Samenvatting rapport. Link.
2) Vleesmagazine.nl 'Vlees is wèl gezond'. Geraadpleegd op woensdag 24 februari, 2010. Link.
3) Global Dairy Platform. Brochure. Geraapleegd op woensdag 24 februari, 2010. Link.|


Nieuws: Mogelijk effect van vitamine B3 op serum vrije vetzuren en groeihormoon bij herhaalde training.


Zaterdag, 7 november 2009.

Een enkele 30 sec. sprint is een stimulus voor groeihormoon (GH), maar herhaalde sprints verminderen de GH reactie. Zeven mannen deden mee aan 2 onderzoeken. Beide onderzoeken bestonden uit 2 maximale 30 sec. sprints op de ergometer waartussen een herstelperiode van 4 uur zat. Bij 1 van de onderzoeken slikten de mannen vitamine B3 (1 g 60 min. voor, en 0.5 g 60 + 180 min. na sprint 1). Verder gebruikten de mannen vóór beide onderzoeken gedurende 2 dagen een dieet hoog in vet (60% vet), maar energetisch gelijk aan het normale dieet.
Serum vrije vetzuren verschilden niet tussen de onderzoeken voor sprint 1, maar waren significant lager in het vitamine B3 onderzoek voor sprint 2 (0.08 mmol/l vs 0.75 mmol/l). Piekwaarden en geïntegreerd GH waren significant hoger in het vitamine B3 onderzoek na sprint 2 (piek GH: 23.3 vs 5.2 microg/l. geïntegreerd GH: 1,076 vs 206 microg/l.).


Onderzochte groep: 7 niet obese, gezonde, fysiek actieve mannen (21-30 jaar).

|Bron: Stokes KA. The growth hormone response to repeated bouts of sprint exercise with and without suppression of lipolysis in men. J Appl Physiol. 2008 Mar;104(3):724-8. Link.|


Mogelijk effect van lichaamsbeweging en voeding op cognitieve functies en dementie.


Woensdag, 4 november 2009.

Een stijgende hoeveelheid bewijs suggereert dat gezond gedrag mogelijk beschermend werkt tegen afname van cognitieve functies en dementie. Wetenschappers zochten in de literatuur naar onderzoek hierover bij personen van 65 jaar en ouder. Er werden 37 artikelen gevonden die aan de criteria voldeden.
Lichaamsbeweging in de vrije tijd verlaagde de kans op dementie, zelfs op een gemiddeld niveau. Roken verhoogde de kans op alzheimer. Matige consumptie van alchol beschermde tegen afname van cognitieve functies en tegen dementie, maar niet-drinkers en geregelde drinkers hadden een verhoogde kans op afname van cognitieve functies en dementie. Consumptie van groenten en vis verlaagde de kans op dementie, maar verzadigde vetten verhoogden de kans hierop.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van prospectief onderzoek. | Onderzochte groep: ? personen.

|Bron: Lee Y. Systematic review of health behavioral risks and cognitive health in older adults. Int Psychogeriatr. 2009 Nov 3:1-14. [Epub ahead of print] Link.|


Nieuws: Versterkt zink het effect van een whey supplement op IGF-1 waarden?


Donderdag, 8 oktober 2009.

Een groep zwakke, oude vrouwen (66-105 jaar) kreeg dagelijks een whey eiwit supplement - gedurende 4 weken - in een gerandomiseerd dubbel-blind onderzoek. Hierbij kregen de vrouwen 30 mg zink per dag of een controle pil.
Serum IGF-1 levels stegen in beide groepen, maar zink zorgde voor een significant sterkere stijging (+48.2%), vergeleken met de controle groep (+22.4%) binnen een week.


Opzet onderzoek: Gerandomiseerd onderzoek. | Onderzochte groep: 61 oude vrouwen.

|Bron: Rodondi A. Zinc increases the effects of essential amino acids-whey protein supplements in frail elderly. J Nutr Health Aging. 2009 Jul;13(6):491-7. Link.|


Verschil in compositie (nutriënten en andere substanties) tussen biologische en conventioneel geproduceerde voedingsmiddelen.


Zondag, 30 augustus 2009. | Lees verder...

De Engels "Food Standards Agency" heeft een literatuuroverzicht gemaakt om meer te weten te komen over verschillen in hoeveelheden nutriënten en andere relevante substanties tussen biologische en conventioneel geproduceerde voedingsmiddelen. Men vond 162 artikelen die hier informatie over gaven.
In het kort is de conclusie als volgt: Voor de meerderheid nutriënten en andere relevante substanties is geen bewijs gevonden voor verschillen in hoeveelheden tussen conventionele en biologische producten. Er is geen goed bewijs dat verhoogde inname van de nutriënten in dit overzicht - die sterker aanwezig zijn in biologische producten - een positieve invloed zullen hebben op personen die een normaal gevarieerd dieet gebruiken, en het is daarom onwaarschijnlijk dat deze verschillen in nutriënten relevant zijn voor de gezondheid.
Hierbij dient te worden vermeldt dat er tot nu toe geen onderzoek is gedaan naar daadwerkelijke consumptie van biologische voedingsmiddelen door mensen om te kijken wat de mogelijke invloed is op het risico op bepaalde ziekten in de loop der tijd.


Creatine supplementatie en het effect op hydratatie.


Woensdag, 19 augustus 2009.

Een recent literatuuroverzicht laat zien dat supplementatie met creatine geen negatief effect heeft op trainen in de hitte. Wetenschappers vonden 10 gerandomiseerde studies naar de relatie tussen creatine supplementatie en thermoregulatie en/of hydratatie.
Creatine bleek geen effect te hebben op hydratatie of lichaamstemperatuur.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van gerandomiseerd onderzoek. | Onderzochte groep: 167 personen.

|Bron: Lopez RM. Does creatine supplementation hinder exercise heat tolerance or hydration status? A systematic review with meta-analyses. J Athl Train. 2009 Mar-Apr;44(2):215-23. Link.|


Testosteron en depressie.


Donderdag, 13 augustus 2009.

Gebruik van testosteron wordt vaak in een negatief daglicht geplaatst doordat het een anabole steroïde is. In de medische wereld wordt het echter ook gebruikt als medicijn. Wetenschappers publiceerden onlangs een literatuuroverzicht van gerandomiseerd onderzoek (met een placebo groep) naar het gebruik van testosteron therapie bij depressieve patiënten.
Er werd een zeer significant antidepressief effect gevonden. Dit effect werd ook gevonden in personen met verlaagde testosteronlevels en HIV/AIDS patiënten.


Opzet onderzoek: Literatuuroverzicht van gerandomiseerd onderzoek. | Onderzochte groep: 364 personen.

|Bron: Zarrouf FA. Testosterone and depression: systematic review and meta-analysis. J Psychiatr Pract. 2009 Jul;15(4):289-305. Link.|


Nieuws: Kauwgum verlaagt mogelijk stress, en verhoogt effectiviteit werk.


Woensdag, 5 augustus 2009.

40 personen werden blootgesteld aan acute stress d.m.v. werkdruk onder gecontoleerde omstandigheden. De werkdruk zorgde voor verminderde alertheid, rust, en tevredenheid, terwijl gevoelens van beklemming en stress toenamen.
Het gebruik van kauwgum zorgde voor significant verhoogde alertheid, en verminderde gevoelens van beklemming en stress. Ook werd minder cortisol aangetroffen in het speeksel van personen die kauwgum gebruikten. Tenslotte werkte kauwgum ook prestatieverhogend.


Opzet onderzoek: Gerandomiseerd onderzoek. | Onderzochte groep: 40 personen.

|Bron: Scholey A. Chewing gum alleviates negative mood and reduces cortisol during acute laboratory psychological stress. Physiol Behav. 2009 Jun 22;97(3-4):304-12. Link.|


Nieuws: Verhoogt alcohol eiwitsynthese + eiwitafbraak tegelijkertijd?


Zondag, 31 mei 2009.

Oud nieuws: In een kleine groep mannen werd gekeken naar het acute effect van alcohol op het eiwitmetabolisme. Dit effect werd onderzocht in de periode van meer dan 4 uur na de laatste maaltijd.
Consumptie van alcohol bleek de afbraak van eiwitten te remmen. Dit effect lijkt vrij logisch gezien de aanwezige koolhydraten in alcohol. Toen het lichaam de beschikking kreeg over glucose, insuline, en aminozuren, bleek door consumptie van alcohol de afbraak van eiwitten juist toe te nemen, maar dit gebeurde tegelijkertijd met een stijging van de eiwitsynthese.


Onderzochte groep: 8 mannen.

|Bron: Berneis K. Ethanol exerts acute protein-sparing effects during postabsorptive but not during anabolic conditions in man. Metabolism. 1997 Jul;46(7):750-5. Link.|


Nieuws: Alcohol lijkt wèl slecht voor je testosteron (2)


Woensdag 27 mei 2009.

Een Indisch onderzoek onder een kleine groep soldaten laat zien dat mannen die alcohol dronken, significant lagere testosteron, en vrije testosteron-waarden hadden, vergeleken met niet-gebruikers.
Zo gaat dat met onderzoek: De ene studie laat een bepaald effect zien, maar een volgende studie laat een tegenovergesteld effect zien. Dat geeft maar weer aan hoe belangrijk het is om naar alle beschikbare informatie te kijken voordat conclusies worden getrokken.


Onderzochte groep: 400 mannen.

|Bron: Venkat KK. Effect of alcohol consumption on bone mineral density and hormonal parameters in physically active male soldiers. Bone. 2009 May 15. [Epub ahead of print] Link.|


Nieuws: Alcohol lijkt niet slecht voor je testosteron (1)


Woensdag 27 mei 2009.

Goed nieuws voor bodybuilders die van alcohol houden. Een Amerikaans onderzoek onder een relatief kleine groep mannen laat zien dat mannen die 1 of meer glazen alcohol per dag dronken meer testosteron, en vrije testosteron in hun serum hadden dan mannen die minder dronken. Ook lichamelijke activiteit zorgde voor meer totale, en vrije testosteron in het serum. Gezien de grootte van de onderzochte groep, lijkt het me echter op zijn plaats voorzichtig te zijn met het trekken van conclusies.


Onderzochte groep: 1.275 mannen.

|Bron: Shiels MS. Association of cigarette smoking, alcohol consumption, and physical activity with sex steroid hormone levels in US men. Cancer Causes Control. 2009 Mar 10. [Epub ahead of print] Link.|